Watervogels hebben het zwaar in deze periode. In een koude nacht kunnen ze wel 10% van hun lichaamsgewicht verliezen! En het is veel moeilijker om aan voer te komen.
Bij sneeuw en ijs is het nodig om de watervogels bij te voeren.
Ook hebben ze een paar keer per dag een waterbad nodig om hun verenkleed in conditie te houden.
Wilt u helpen?
Alle (water)vogels kunnen nu wel wat extra’s gebruiken.
Maar wat geef je dan?
Je kunt de watervogels bijvoeren met graan, maïs of fijn gesneden andijvie, boerenkool en doperwten, maar ook bijvoorbeeld kippenvoer of watervogelvoer dat verkrijgbaar is in dierenwinkels.
Het voer mag op koude dagen enkele keren per dag aangeboden worden. Doe dit wel het liefst in porties die meteen worden opgegeten, zodat er geen voer blijft liggen.
Maar geef ook niet een te kleine portie, want dan kunnen de dieren er ruzie om maken en verliezen ze onnodig veel energie.
Ook kun je ervoor zorgen dat er wakken zijn op plekken waar de vogels kunnen badderen.
In Kampen leven meerdere groepen gedomesticeerde boerenganzen, ook wel witte of tamme ganzen genoemd. Ze hechten sterk aan de plek waar ze geboren zijn en leven.
De boerengans is een standvogel, wat betekent dat ze het hele jaar in een relatief klein gebied blijven, zowel in de zomer als in de winter. Ze kunnen ook niet goed vliegen.
Wij hebben de afgelopen dagen met meerdere vrijwilligers de watervogels op verschillende plekken bijgevoerd met maïs en graan.
De maïs en het graan werden geregeld door de medewerkers van de gemeente die werkzaam zijn bij De Korte Weg. Ook hebben zij de wakken open gehouden.
Deze wakken zijn van groot belang, omdat watervogels altijd toegang tot water moeten hebben. Eén wak is daarbij niet voldoende.
In ons plantsoen leven drie afzonderlijke groepen boerenganzen. Zij vormen niet één grote familie, maar hebben elk hun eigen vaste plek: een groep bij het Rozenlaantje, een groep bij de skatebaan en een klein groepje bij het hertenkamp.
Deze groepen voegen zich niet samen, maar leven strikt gescheiden. Als er hulp wordt geboden, moet dat dus op meerdere plekken gebeuren. Elke groep heeft recht op een eigen wak en een eigen rustplek.
Open water betekent meer dan alleen kunnen drinken. Het betekent ook kunnen badderen, het verenkleed onderhouden en minder kwetsbaar zijn voor gevaar, zoals loslopende honden. Een wak biedt rust, veiligheid en leven.
Het opgejaagd worden door loslopende honden bezorgt de ganzen onnodig veel stress en leidt tot verspilling van energie.
We vragen daarom hondenbaasjes of zij in deze vorstperiode hun hond aangelijnd willen houden als ze in de buurt van watervogels en andere buitendieren komen, zodat de al verzwakte dieren niet nog eens opgejaagd worden.
Ook de groep boerenganzen aan de La Sablonièrekade en bij de Middenwetering is gevoerd door onze vrijwilligers. Deze groepen ganzen hebben een veel groter gebied tot hun beschikking en kunnen daar makkelijker open water vinden. Toch moet hier ook goed in de gaten gehouden worden of de dieren nog wel beschikken over open water.
Alle eenden, nijlganzen en meerkoeten die op deze plekken leven, smikkelden lekker mee. Een volle buik betekent een warme winter, ook voor onze watervrienden.
Noodgevallen:
Zie je een watervogel met ijsklompen aan de veren? Bel dan de lokale dierenambulance.
Zie je een vogel op het ijs?
Een vogel die stil op het ijs zit lijkt misschien zielig, maar vaak is dit normaal.
Watervogels doen dit om energie te besparen tijdens koude wintermaanden.
Twijfel je of de vogel vastzit?
Gooi voorzichtig wat lekkers (zoals sla of andijvie) in zijn richting.
Beweegt de vogel en staat hij op? Geen reden tot zorg.
Blijft hij zitten? Dan kan hij mogelijk vastzitten.
Bel in dat geval de lokale dierenambulance!
Ga zelf niet het ijs op. Dit is gevaarlijk voor jou én voor de vogel.
Zo helpen we samen dieren veilig de winter door!